TechCampus logo

Bouwmensen

Kentering gaande

Jannes: “De jongere generatie wil -om welke reden dan ook- helaas nog wel eens afhaken, maar er is wel een kentering gaande. Wij zien gelukkig een hele toestroom van zij-instromers die die periode voorbij zijn en dan toch denken ‘Ik ben mijn carrière misgelopen en ik ga alsnog’. Ik zie dat het bijvoorbeeld bij de ‘leermeestercursussen’ langzamerhand wel beter wordt. Alleen zijn zij-instromers wel weer duurder dan iemand die net van school komt. Aan de andere kant, van een ouder iemand is de inzet vaak hoger. Daarbij komt dat de basiskennis van de stagiair en BBL student met betrekking tot het vak relatief laag is, en dat betekent dat de ondernemer er veel tijd in moet steken om hem met het vak bezig te laten zijn. En die tijd heeft hij, gezien het minimale personeelsbestand, niet altijd. Maar helaas zijn er ook werkgevers die misbruik maken van een stagiaire of BBL student door hen werk te geven onder hun niveau, of werk dat ook gedaan wordt door gewone werknemers. Die gewone werknemers krijgen hun salaris, de stagiair voor hetzelfde werk of niets, of een kleine vergoeding. In zo’n situatie krijgt de stagiair geen fatsoenlijk toekomstbeeld.”

Iwan: “Ik ben van mening dat bedrijven in bepaalde sectoren ook de hand in eigen boezem kunnen steken als het gaat om hun personeelsbeleid. Ondanks de hardnekkige tekorten zijn zij nog steeds op zoek naar het schaap met de vijf poten. Natuurlijk gaat er veel tijd zitten in het begeleiden van een stagiair, maar mijn ervaring is alleen maar positief. Ondernemers die zeggen dat zij geen personeel kunnen vinden doen toch echt iets niet goed. Een stagiair hoopt een stageplek te krijgen waar hij of zij het zo naar de zin heeft dat ze liever niet meer weg willen. Maar dan zul je als werkgever wel moeten investeren in een stagiair, zeker als die ook potentie heeft om te blijven werken bij je onderneming. Maar daar moet je wel wat voor doen. Het kost tijd, maar investeren in de stagiair levert meer op dan vaak wordt gedacht. Een stagiair kijkt met een frisse blik naar je organisatie, ze leren dingen op school waar je als ondernemer wat aan kunt hebben, ze zijn bereid te leren en staan hier ook volledig voor open.

Je ziet nu ook een andere beweging. Ik merk dat ouders ook weer trots zijn dat hun kind een ambachtelijk vak heeft. Wat prachtig is, maar een generatie lang is dat ambachtelijke vak aan de kant geschoven. De broodnodige handjes zijn er nu niet, maar of je nu bankdirecteur bent, metselaar of loodgieter, je kunt nu gewoon een goede boterham verdienen. Ik ken zelfs ouders die op een verjaardag vertellen dat hun kind een mbo-opleiding doet. En dat is toch wel een hele goede ontwikkeling.”

Bouwmensen

Fotografie: Sven Scholten

Niet het juiste beroep

Een stagiair (BOL leerling) volgt meestal een opleiding en loopt gedurende een beperkte periode mee binnen een bedrijf om praktijkervaring op te doen, zich te oriënteren op het vak en te leren hoe het werk eruitziet. De nadruk ligt daarbij op leren en kennismaken met de praktijk. Dan kan ook gebeuren dat de stagiair tijdens de stage erachter komt dat dit toch niet het juiste beroep is. Wat doe je dan? Iwan: “Vorig jaar hadden wij een leerling die anderhalf jaar van zijn opleiding er op had zitten. Hij paste ook goed binnen ons bedrijf, maar ineens stond hij met rood hoofd aan mijn bureau.  “‘Joh Iwan, ik vind het heel lullig, maar ik ga geen timmerman worden”. Zo'n jongen gaat dan de sector uit en staat nu auto’s te poetsen. Doodzonde dat hij voor de techniek gewoon verloren gaat, want misschien was hij wel een hele goede elektricien geweest of een loodgieter.”

Annelies: “Het is belangrijk om zoveel mogelijk mensen in aanraking te laten komen met de techniek. Dat zijn de jongeren vanuit het vmbo en het mbo, maar natuurlijk ook de zij- instromers. Jannes vertelde dat er bij het UWV heel veel mensen in kaartenbakken zitten die wel werk zoeken, maar een negatief beeld hebben van de bouw en techniek. Daar moet echt aandacht aan besteed worden.”

Jannes: “Ik denk dat de ROC ‘s ook wel wat flexibeler kunnen om gaan met bedrijven. Er is zeker ook een te groot aanbod aan scholing. Hoe mooi is het, als je iemand gericht binnenkrijgt die metselaar wil worden. Doe dan eerst een aantal praktische trainingen en laat hem dan starten in de bouw. Dan ben je er heel snel achter of die persoon daadwerkelijk geschikt is als metselaar of dat hij beter elektricien kan worden. Of kok. Of vrachtwagenchauffeur. Noem maar op. Dan weet iedereen in een kort tijdsbestek waar hij of zij aan toe is.”

Bouwmensen